Terug naar de natuur


Abbekerk en Lambertschaag maken historisch gezien deel uit van buurtschappen. Daartoe behoren bijvoorbeeld de Weere, Koppershorn, de Bennemeer, Harderwijk en vroeger Parallelweg. Enkele molen-buurtschappen zoals "Koppershorn", "de Molenbuurt van Lambertschaag" zijn niet meer als zodanig herkenbaar. De Molenbuurtschap "De Kolk van Dussen" ( bij Aardswoud ) bestaat nog. Daar staat de laatst overgeblevenen Koggemolen, de Westuit nr.7. Deze molen is naar alle waarschijnlijkheid in de tweede helft van de 16e eeuw gebouwde achtkante binnenkruier.

Molenbuurt Aartswoud historische foto's



Hoe overleefden de West-Friezen van weleer, wat verbouwden zij en hoe zag hun veestapel eruit. Thans in 2010 woont er in onze directe omgeving, bij de molenbuurt “de Kolk van Dussen”, èèn persoon die tracht er een dergelijke leefwijze er op na te houden. Francisco, zoals zijn naam is, is ogenschijnlijk een kluizenaar en heeft het begrip” terug naar de natuur” nogal letterlijk genomen.

Alhoewel dat niet voor 100% uitvoerbaar is geeft zijn leefwijze toch een goede indruk van de mogelijkheden en problemen waar onze voorouders mee geconfronteerd werden.

Nee, de betiteling kluizenaar is bij nader inzien toch niet op hem van toepassing. Er is geen religieuze basis voor zijn manier van leven en hij is zeker niet wereldvreemd. Altijd bereid tot een praatje en vaak bereid tot een rondleiding door zijn stukje paradijs. Francisco, laten we hem maar Frans noemen zoals iedereen doet, is overigens een aardige en bescheiden persoonlijkheid. Hij woont in een voormalige molenhuis. Ooit hebben 24 molens de polders van de Vier Noorder-Koggen droog gehouden. Vier daarvan stonden bij de Oosterkolk tussen Aardswoud en Lambertschaag. Later genoemd “de Kolk van Dussen”. Thans staat daar nog èèn bewoonde molen. Frans, heeft destijds het molenhuisje gekocht, overgebleven na de sloop van èèn van de bijbehorende molens. Frans leeft op een uitgesproken biologische wijze van alles wat de natuur hem oplevert. Het stukje grond was aanvankelijk nog niet zo sterk begroeid. 

Door aanplanting van een scala van bomen ziet het er momenteel aan de buitenzijde nogal ondoordringbaar uit. Binnen in het stukje bos bevinden zich diverse kleine open weilandjes met elk zo hun eigen doel. Kippen, eenden, ganzen van divers pluimage en geiten vinden daar hun eldorado. Nou ja, alles is tijdelijk. Frans moet ook ergens van leven. Geitenvlees en af en toe een eend of een gans is niet te versmaden. Verder groeien in dit stukje “paradijs” diverse soorten appel en perenbomen, alsmede kastanje en notenbomen. Kortom de benodigde vitamines kunnen letterlijk uit de lucht geplukt worden. Ook de buizerd nestelt in zijn bomen alsmede de specht. In het donker foerageren daar de vleermuizen. Dagelijks haalt Frans water uit het naast gelegen meertje, een voormalige kleiput. Het water wordt met een emmer uit het meertje geschept en in een vat gedeponeerd die in een kruiwagen staat. De kruiwagen wordt dwars door het bos naar het huisje getransporteerd. Daar kan je mooi je toilet mee doorspoelen en de dorst der dieren mee lessen. Dat is nodig omdat de sloot naast zijn huisje is drooggevallen omdat het Hoogheemraadschap het polderpeil zo’n 15 cm heeft laten zakken. Verder is het verzamelen, hakken en drogen van hout nogal een arbeidsintensieve bezigheid. Niet dat er geen hout genoeg is, maar je moet toch zo’n ca. 180 volle kruiwagens verzamelen om de winter door te komen. 

Terug naar de natuur

De geiten zijn onmisbaar. Ze worden ingezet om het paradijs enigszins toegankelijk te houden voor de beheerder. Zo vreten ze mooi de welig tierende brandnetels en het riet weg. Kortom alles wat verder nog binnen hun actieradius ligt. Aanvankelijk was er natuurlijk ook een moestuin. Die heeft echter de strijd tegen de natuur verloren. Eigenlijk te bewerkelijk. Frans heeft overigens wel plannen om een nieuwe moestuin aan te leggen, maar die zijn nog in een pril stadium. Momenteel wordt handmatig de vijver uitgediept. Met een kruiwagen wordt het baggerslib op een open stukje terrein gestort met de bedoeling daar opnieuw een vruchtbare bio-tuin van te maken. Het lijkt een onmogelijke klus. In de vijver zijn marmer karpers uitgezet met de bedoeling om er ook af eentje te vangen en te verorberen. Door de strenge winter hebben die het niet overleefd. Ook moet er nog zeelt in de vijver zitten. Die laten zich ook niet meer zien, laat staan vangen. Frans is overigens ook niet echt een opruimer. Het komt zo als het komt, en het gaat zo als het is. Daar moet je niet zo moeilijk over doen. Elke vorm van materialisme is hem volkomen vreemd. De afgedankte spullen rond zijn huisje worden dan ook weer dankbaar gebruikt door de vele eenden, kippen en ganzen om hun eieren en nakomelingen te produceren. 

Verscholen in de dijk naast de kolkweg liggen nog de restanten van de stenen fundatie van het watertoevoerkanaal naar de ( gesloopte ) molen. Oorspronkelijk was er een trap vanaf de dijk van de kolkweg naar de voordeur van het molenhuis. Echter door de voordeur naar binnen het huisje in is wat moeilijk, zo niet onmogelijk. Door een herindeling van het huisje destijds is deze toegang vervallen en is inmiddels ten prooi is gevallen aan de natuur. Maar het is niet echt een probleem, je kunt ook aan de achterzijde nog naar binnen. Zo nodig via de oorspronkelijke koeienstal waar ooit een drietal koeien onderdak vonden. In het stukje bos zien we de houtvoorraad en de aangeschafte hooi en strobalen voor de winter.

Frans leeft van dag tot dag van en in de natuur. Hij neemt het leven zo als het is met de filosofie van “waar loop je tegenaan met deze manier van leven en hoe los je dat op”.  Om deze filosofie zo goed mogelijk te volgen moet je toch wel veel plannen. Je moet wintervoorraden aanleggen. Denk hierbij aan hout voor de kachel. En voer voor de beesten en voor je zelf een gevulde vrieskist. Bomen moeten gesnoeid of aangepland worden. Er moet geoogst worden. Kortom een scala van seizoensgebonden activiteiten waar je zeker vooraf goed over moet nadenken.

Je hebt in principe niet zo veel nodig om te leven en zeker geen zaken van materialistische aard. Ik zal zeker niet met Frans willen ruilen. Maar ik heb genoten van de ca.4 uur durende rondleiding en de verhalen van Frans. Deze ervaring heeft mij nieuwe inzichten verschaft en geeft ook een redelijk beeld hoe onze voorouders in deze streek in hun dagelijkse behoeften konden voorzien. 


Jan Waterdrinker
Op onderstaande site vind u meer informatie over de molens bij de Kolk van Dussen.
Met de zoekterm Kolk van Dussen vind u de specifiek site.
Op de foto van deze website ziet u de achterste molen die oorspronkelijk bij het huisje van Francisco ( zie verhaal boven ) hoorde.

http://www.molendatabase.org/molendb.php